Verjaringstermijnen bij incest en seksueel misbruik van minderjarigen

Naar aanleiding van de tragedie in Heikruis, waarbij een pedoslachtoffer het recht in eigen hand nam, kwam afgelopen weekend de thematiek van seksueel misbruik van minderjarigen en de verjaringstermijn bij dergelijke vergrijpen andermaal sterk onder de aandacht. De kans op deze dubbele moord was wellicht miniem geweest, als de feiten niet zouden verjaard geweest zijn op het ogenblik dat de klacht werd ingediend.

Het VTM-journaal, VRT-De Zevende Dag en een aantal kranten wijdden op serene manier aandacht aan deze delicate materie. Er werden positieve voorstellen naar voren geschoven. 

Eén van de belangrijkste elementen, naast preventie via een meer sociale samenleving (o.a. voorrang voor meer en betere gezinsopvoeding, betere omkadering van dergelijke probleemsituaties, doorbreken van het taboe), is de verjaringstermijn.
Onze vzw Sarah bekwam na vijf jaar actie (1996 - 2000) een verlenging van deze verjaringstermijn van vijf naar tien jaar na de meerderjarigheid. (wetsvoorstel Anciaux, 1997; wet op de strafrechterlijke bescherming van minderjarigen, Verwilghen, 2000).

Kamerlid Annelies Storms bereidt een wetsvoorstel over verlenging van deze verjaringstermijn voor. Onze vzw Sarah steunt dit politiek haalbare voorstel. Een andere vzw die zich specifiek met deze materie bezig houdt, de vzw Kinderkreet, zocht ook mevrouw A. Turtelboom aan om actie te ondernemen. Meerdere verenigingen (zie internet) aan beide zijden van de taalgrens zijn erom bekommerd dat een verbetering  bewerkstelligd wordt ten voordele van de slachtoffers van dergelijke situaties van incest en seksueel misbruik  en van andere kindermishandeling.

Wij verwachten dat in de maand januari initiatief genomen wordt om de voorstellen op een partij-overschrijdende manier te ondersteunen, na onderling overleg. Daarbij willen wij er uitdrukkelijk voor waarschuwen deze problematiek in de eerste plaats met de slachtoffers zelf en hun verenigingen te overleggen en de vaststellingen dan te toetsen aan hulpverlening, recht (jur.) en beleid. Het gaat hem hier om een materie met zeer vele gezichtspunten (welzijn, gezin, justitie, onderwijs, jeugd, cultuur, volksgezondheid...) die zowel nationale als federale aspecten ter behandeling vergt. Wij wijzen de media er ook op dat we in deze enkel een serene duiding kunnen accepteren. 

Jan Vanhaelen
20/12/2004